In het kort - Leestijd: 9 minuten
• De screening is een eerste controle van mensen die niet aan de gewone toegangsvoorwaarden voldoen.
• Er wordt onder meer gekeken naar identiteit, veiligheid, gezondheid en mogelijke kwetsbaarheid.
• De uitkomst kan bepalen welke procedure daarna volgt en moet daarom zorgvuldig tot stand komen.

De screeningprocedure uitgelegd

Een van de belangrijkste nieuwe onderdelen van het EU-Migratiepact is de screeningprocedure. Dat klinkt technisch, maar eigenlijk betekent het een eerste controle aan het begin van het Europese asiel- en migratiesysteem. Wanneer iemand de Europese Unie binnenkomt zonder aan de normale toegangsvoorwaarden te voldoen, moet er eerst worden gekeken wie die persoon is, wat zijn of haar situatie is en welke procedure daarna moet volgen. [1]

Je kunt screening het beste zien als de voordeur van het nieuwe systeem. Het is nog niet de volledige asielprocedure. Tijdens de screening wordt dus nog niet uitgebreid beslist of iemand uiteindelijk bescherming krijgt. Wel wordt er al informatie verzameld die belangrijk is voor alles wat daarna gebeurt. De autoriteiten proberen vast te stellen wie iemand is, waar iemand vandaan komt, of iemand asiel wil aanvragen, of er veiligheidsrisico’s zijn en of iemand kwetsbaar is. Daarna wordt bepaald welke route iemand in het systeem moet volgen. [2]

Dat klinkt misschien als een gewone administratieve stap. Een overheid wil weten wie het land binnenkomt en wat er daarna moet gebeuren. Toch is screening veel belangrijker dan alleen registratie. De eerste keuze in een procedure kan namelijk grote gevolgen hebben voor de rest van iemands zaak. Als iemand na de screening in een gewone asielprocedure terechtkomt, ziet het traject er anders uit dan wanneer iemand in een versnelde procedure, een grensprocedure of een terugkeerprocedure wordt geplaatst. De screening is dus niet het eindpunt, maar wel een belangrijk beginpunt.

Juridisch kader en korte termijnen

De screeningprocedure is geregeld in de Europese Screeningverordening. Die verordening is onderdeel van het bredere EU-Migratiepact en is sinds 12 juni 2026 van toepassing. De EU wil met deze regeling sneller duidelijkheid krijgen aan het begin van het proces. Mensen moeten eerder worden geregistreerd, relevante informatie moet sneller bij de juiste autoriteiten terechtkomen en lidstaten moeten beter kunnen bepalen welke procedure passend is. [3]

Volgens de EU is screening vooral een proces van informatieverzameling. Dat is belangrijk om goed te begrijpen. Screening is niet bedoeld als een volledige zelfstandige procedure waarin al definitief over asiel wordt beslist. Het is eerder een uitgebreide eerste controle. EUR-Lex beschrijft screening als een proces dat lijkt op een uitgebreide grenscontrole, waarbij binnen korte termijnen informatie wordt verzameld. Bij screening aan de buitengrens moet dit in beginsel binnen zeven dagen gebeuren. Als iemand al binnen het grondgebied van een lidstaat wordt aangetroffen en nog niet eerder is gescreend, geldt in beginsel een termijn van drie dagen. [4]

Die korte termijnen laten meteen zien waar de spanning zit. Aan de ene kant wil de EU voorkomen dat het systeem vanaf het begin vastloopt. Dat is begrijpelijk. Als iemand niet wordt geregistreerd, als onduidelijk blijft wie verantwoordelijk is of als informatie niet goed wordt doorgegeven, ontstaan er later problemen. Aan de andere kant gaat het om mensen die vaak net een zware reis achter de rug hebben. Zij spreken de taal meestal niet, kennen het juridische systeem niet en hebben soms geen documenten. Juist in zo’n eerste fase kunnen fouten snel ontstaan.

Voor wie geldt de screening?

Screening geldt vooral voor mensen die de EU binnenkomen zonder aan de normale inreisvoorwaarden te voldoen. Dat kan bijvoorbeeld gaan om mensen die de buitengrens onrechtmatig hebben overschreden. Het kan ook gaan om mensen die na een reddingsoperatie op zee aan land worden gebracht. Daarnaast kan het gaan om mensen die aan een grensdoorlaatpost asiel aanvragen, maar niet voldoen aan de normale voorwaarden om de EU binnen te komen. Ook kan screening binnen het grondgebied plaatsvinden als iemand daar wordt aangetroffen en nog niet eerder is gescreend. [5]

In gewone taal gaat het dus vaak om mensen die niet via de standaardroute Europa binnenkomen, maar die mogelijk wel bescherming nodig hebben. Dat is precies waarom screening gevoelig is. Iemand kan zonder geldige papieren aankomen en toch recht hebben op asiel. Iemand kan onregelmatig de grens oversteken en toch vluchten voor vervolging of oorlog. De manier waarop iemand Europa binnenkomt, zegt dus niet automatisch alles over de vraag of die persoon bescherming nodig heeft.

Identiteit, biometrie en veiligheid

Tijdens de screening wordt eerst geprobeerd iemands identiteit en nationaliteit vast te stellen. Dat klinkt eenvoudig, maar is het in de praktijk vaak niet. Mensen die vluchten hebben niet altijd een paspoort of identiteitsbewijs bij zich. Soms zijn documenten verloren gegaan tijdens de reis. Soms zijn ze afgepakt door smokkelaars of autoriteiten. Soms had iemand in het land van herkomst nooit betrouwbare papieren. Het ontbreken van documenten betekent dus niet automatisch dat iemand iets verbergt. Tegelijkertijd maakt het de taak van de overheid wel moeilijker, omdat de overheid moet weten wie iemand is en welk land mogelijk verantwoordelijk is.

Daarom spelen databanken en biometrische gegevens een grotere rol. Tijdens de screening kunnen gegevens worden gecontroleerd in Europese systemen. Denk daarbij aan vingerafdrukken of gezichtsbeelden. Het doel is om te achterhalen of iemand al eerder is geregistreerd, of er veiligheidswaarschuwingen zijn en of een andere lidstaat mogelijk verantwoordelijk is. Voor de overheid kan dit handig zijn, maar voor de persoon zelf kan het grote gevolgen hebben. Een fout in een databank, een verkeerde koppeling of een onduidelijke registratie kan invloed hebben op de procedure die daarna volgt.

Een ander onderdeel van de screening is de veiligheidscontrole. De autoriteiten bekijken of er signalen zijn dat iemand een risico vormt voor de openbare orde of veiligheid. Ook dat is vanuit het perspectief van staten begrijpelijk. Landen willen weten wie er binnenkomt en of er risico’s zijn. Maar ook veiligheidscontroles moeten zorgvuldig gebeuren. Iemand mag niet door een onduidelijk of onjuist signaal automatisch in een zwaardere positie terechtkomen. Juist omdat de screening vroeg in het proces plaatsvindt, is het belangrijk dat informatie correct is en dat fouten later kunnen worden hersteld.

Gezondheid en kwetsbaarheid

Daarnaast kan tijdens de screening een gezondheidscontrole plaatsvinden. Dat betekent niet dat iemand meteen een volledige medische behandeling krijgt, maar wel dat gekeken wordt of er onmiddellijke gezondheidsproblemen zijn die aandacht nodig hebben. Dit kan belangrijk zijn. Mensen die aankomen aan de buitengrens hebben soms een zware reis achter de rug. Zij kunnen uitgeput zijn, ziek zijn, verwondingen hebben of dringend hulp nodig hebben. Een eerste gezondheidscheck kan dus bescherming bieden. Tegelijkertijd moet zo’n controle niet vooral worden gebruikt om mensen als risico te behandelen, maar juist ook om hulpbehoeften te herkennen.

Misschien het meest belangrijke onderdeel van screening is de aandacht voor kwetsbaarheid. De autoriteiten moeten letten op signalen dat iemand extra bescherming of begeleiding nodig heeft. Dat kan gaan om minderjarige kinderen, alleenstaande minderjarigen, zwangere vrouwen, mensen met een handicap, slachtoffers van mensenhandel, slachtoffers van marteling of mensen met psychische problemen. [6]

Juist dit onderdeel is cruciaal. Als screening goed wordt uitgevoerd, kan kwetsbaarheid vroeg worden herkend. Dat zou positief zijn. Iemand die extra hulp nodig heeft, kan dan eerder worden doorverwezen naar passende ondersteuning. Een alleenstaand kind kan sneller worden herkend als minderjarige. Een slachtoffer van mensenhandel kan eerder bescherming krijgen. Een persoon met ernstige medische problemen kan eerder hulp ontvangen. In die zin kan screening bijdragen aan betere bescherming.

Maar in de praktijk is kwetsbaarheid vaak moeilijk te zien. Niet iedereen vertelt meteen wat er aan de hand is. Sommige mensen schamen zich. Anderen zijn bang voor autoriteiten, juist omdat zij in hun land van herkomst slechte ervaringen met autoriteiten hebben gehad. Weer anderen begrijpen zelf niet dat hun situatie juridisch relevant is. Een slachtoffer van mensenhandel zal bijvoorbeeld niet altijd direct zeggen wat er is gebeurd. Iemand die seksueel geweld heeft meegemaakt, vertelt dat misschien pas veel later. Een kind kan soms helemaal niet goed uitleggen waarom het gevaar loopt.

Daarom is de kwaliteit van de screening zo belangrijk. Een kwetsbaarheidstoets op papier is niet genoeg. De mensen die de screening uitvoeren, moeten goed getraind zijn. Er moet voldoende tijd zijn om signalen serieus te nemen. Er moet goede vertaling beschikbaar zijn. Er moet informatie worden gegeven op een manier die iemand begrijpt. En er moet ruimte blijven om later in de procedure alsnog kwetsbaarheid te herkennen. Als de screening te snel of te mechanisch gebeurt, kan zij kwetsbare mensen juist missen.

De EUAA, het Europese Asielagentschap, benadrukt in haar standaarden over kwetsbaarheid dat lidstaten procedures eerlijk en effectief moeten inrichten voor mensen in een kwetsbare situatie. [7] Dat is belangrijk, omdat het nieuwe Europese systeem niet alleen draait om snelheid. Het moet ook kunnen omgaan met mensen die niet in een standaardprocedure passen. Een goed asielsysteem is niet alleen efficiënt, maar ook gevoelig voor verschillen tussen mensen.

Screening is nog geen asielbeslissing

Een veelvoorkomend misverstand is dat screening hetzelfde is als beslissen over asiel. Dat is niet zo. Tijdens de screening wordt nog niet definitief bepaald of iemand vluchteling is of niet. Er wordt dus nog niet volledig beoordeeld of iemand bijvoorbeeld vervolgd wordt vanwege politieke overtuiging, religie, afkomst of een andere beschermde grond. Screening is vooral bedoeld om informatie te verzamelen en iemand naar de juiste procedure te verwijzen.

Toch betekent dat niet dat screening onschuldig is. Juist omdat de screening bepaalt naar welke procedure iemand wordt verwezen, kan zij veel invloed hebben. Stel dat iemand na de screening in een versnelde procedure terechtkomt. Dan kan er minder tijd zijn om bewijs te verzamelen of het verhaal rustig uit te leggen. Stel dat iemand in een grensprocedure terechtkomt. Dan kan de bewegingsvrijheid beperkter zijn en kan de druk hoger liggen. Stel dat iemand richting terugkeerprocedure wordt gestuurd. Dan wordt het nog belangrijker dat vooraf goed is gekeken of die persoon misschien toch bescherming nodig heeft.

Daarom kun je de screeningprocedure zien als een kruispunt. Op dat kruispunt wordt nog niet de eindbestemming bepaald, maar wel de richting. En wie eenmaal een bepaalde richting is opgestuurd, krijgt later soms moeilijker de kans om dat te corrigeren. Dat maakt deze eerste fase juridisch gevoelig. Een fout in het begin kan doorwerken in de rest van de procedure.

Vrijheid en toezicht aan de grens

Een ander belangrijk punt is waar iemand zich tijdens de screening bevindt. De Screeningverordening gaat uit van screening aan de buitengrens of op andere aangewezen locaties. Tijdens die periode wordt iemand nog niet automatisch beschouwd als toegelaten tot het grondgebied in de gewone zin van het woord. Dat roept vragen op over vrijheid, bewegingsruimte en toegang tot hulp. Als iemand tijdens de screening niet vrij kan vertrekken, komt de procedure dicht in de buurt van vrijheidsbeperking of zelfs detentieachtige situaties. [8]

Dit is een van de redenen waarom mensenrechtenorganisaties kritisch naar screening kijken. Zij zijn bang dat screening in de praktijk kan leiden tot meer controle, meer opsluiting aan de grens en minder effectieve toegang tot asiel. ECRE schrijft dat de Screeningverordening wel nieuwe waarborgen bevat, maar ook zorgen oproept over fundamentele rechten, procedurele garanties en praktische uitvoerbaarheid. [9]

Die kritiek betekent niet dat screening per definitie verkeerd is. Een goede eerste controle kan nuttig zijn. Het kan helpen om mensen sneller te registreren, kwetsbaarheid eerder te herkennen en duidelijker te bepalen welke procedure nodig is. Maar screening wordt problematisch als het vooral een instrument van controle wordt en te weinig een moment van bescherming. De vraag is dus niet alleen of screening bestaat, maar hoe screening wordt uitgevoerd.

Een belangrijk onderdeel van de Screeningverordening is ook dat lidstaten een onafhankelijk mechanisme moeten hebben om fundamentele rechten te monitoren tijdens de screening. Dat klinkt misschien technisch, maar het is belangrijk. Zo’n mechanisme moet helpen controleren of mensen tijdens de screening volgens de regels worden behandeld en of fundamentele rechten worden gerespecteerd. [10] In gewone taal betekent dit dat er niet alleen regels moeten zijn, maar ook toezicht op de manier waarop die regels in de praktijk worden toegepast.

Toezicht is nodig omdat screening plaatsvindt op een kwetsbaar moment. Mensen die net zijn aangekomen, hebben meestal weinig macht tegenover de overheid. Zij weten vaak niet wat hun rechten zijn. Zij begrijpen niet altijd wat er gebeurt. Zij kunnen afhankelijk zijn van tolken, ambtenaren en hulpverleners. Als er dan iets misgaat, is het voor hen moeilijk om daartegen op te komen. Juist daarom is onafhankelijk toezicht belangrijk.

De Nederlandse uitvoering

Voor Nederland krijgt screening ook een praktische betekenis. De IND geeft aan dat zij verantwoordelijk wordt voor binnenlandse screening en registratie van asielzoekers bij het aanmeldcentrum in Ter Apel wanneer het Pact van toepassing is. [11] Dat betekent dat screening niet alleen iets is wat aan de buitengrenzen van Europa speelt. Ook in Nederland wordt deze eerste fase onderdeel van de asielprocedure.

Dat is belangrijk, omdat Nederland al langer te maken heeft met druk op het asielsysteem. De IND had achterstanden, de opvang stond onder spanning en Ter Apel was vaak onderwerp van discussie. Als daar nieuwe taken bijkomen, wordt de vraag naar capaciteit heel belangrijk. Zijn er genoeg mensen om de screening goed uit te voeren? Zijn er genoeg tolken? Is er genoeg tijd om kwetsbaarheid te herkennen? Krijgen asielzoekers voldoende informatie? En kunnen advocaten op tijd betrokken worden?

Een screeningprocedure kan alleen goed werken als de praktijk goed is georganiseerd. Als de overheid mensen snel moet controleren, maar niet genoeg personeel heeft, ontstaat het risico dat de procedure oppervlakkig wordt. Als mensen niet begrijpen wat er gebeurt, kunnen zij belangrijke informatie niet geven. Als kwetsbaarheid niet wordt herkend, kan iemand in een procedure terechtkomen die niet bij zijn of haar situatie past. Dan wordt screening niet een veilige voordeur, maar een haastige selectie.

Daarom is screening veel meer dan een technische startfase. Het is een moment waarop het systeem laat zien hoe het mensen benadert. Wordt iemand vooral gezien als een dossier dat snel moet worden verwerkt? Of wordt iemand ook gezien als een persoon die mogelijk bescherming nodig heeft? Die vraag is belangrijk, omdat de eerste fase vaak de toon zet voor de rest van de procedure.

Het moeilijke aan screening is dat twee belangen tegelijk spelen. De overheid wil grip op migratie. Zij wil weten wie binnenkomt, welke risico’s er zijn en welke procedure moet volgen. Dat is begrijpelijk. Maar de persoon die wordt gescreend, heeft ook rechten. Die persoon moet kunnen aangeven dat hij of zij bescherming zoekt. Die persoon moet informatie krijgen. Die persoon moet niet door een fout of misverstand in de verkeerde procedure terechtkomen. En als iemand kwetsbaar is, moet dat tijdig worden gezien.

Kinderen en verborgen kwetsbaarheid

Vooral bij kinderen is dat essentieel. Een minderjarige asielzoeker is niet zomaar een kleine volwassene. Kinderen begrijpen vaak minder goed wat er gebeurt. Zij kunnen afhankelijk zijn van volwassenen, bang zijn om iets verkeerds te zeggen of niet weten welke informatie belangrijk is. Als een kind alleen reist, is de situatie nog kwetsbaarder. De screening moet daarom kindvriendelijk zijn en rekening houden met leeftijd, ontwikkeling en veiligheid.

Ook bij volwassenen kan kwetsbaarheid verborgen zijn. Trauma is niet altijd zichtbaar. Mensenhandel is niet altijd meteen herkenbaar. Psychische klachten worden niet altijd uitgesproken. Angst voor autoriteiten kan ervoor zorgen dat iemand juist in het begin zo weinig mogelijk vertelt. Daarom moet screening niet worden behandeld als een eenvoudige checklist waarna vaststaat dat iemand niet kwetsbaar is. Het moet eerder worden gezien als een eerste moment waarop signalen kunnen worden opgemerkt, terwijl later opnieuw naar kwetsbaarheid moet kunnen worden gekeken.

De screeningprocedure laat daarmee goed zien waar het hele EU-Migratiepact om draait. Het Pact wil snelheid, controle en efficiëntie. Maar migratierecht vraagt ook om zorgvuldigheid, bescherming en menselijke beoordeling. Juist in de screening komen die twee kanten bij elkaar. Het systeem wil snel door naar de juiste procedure, maar moet onderweg geen mensen verliezen die extra bescherming nodig hebben.

Dat maakt screening ook interessant voor de bredere discussie over de Europese rechtsstaat. Een rechtsstaat gaat niet alleen over mooie rechten in verdragen en wetten. Het gaat ook over de vraag of die rechten in de praktijk bereikbaar zijn. Iemand kan formeel het recht hebben om asiel te vragen, maar als die persoon tijdens de eerste controle niet goed begrijpt wat er gebeurt, geen toegang heeft tot hulp of verkeerd wordt doorgestuurd, dan is dat recht in de praktijk zwakker.

Wanneer werkt screening wel?

Daarom moet screening vanaf het begin serieus worden genomen. Het is verleidelijk om screening te zien als een simpele administratieve voorfase. Maar dat is te beperkt. De screening bepaalt hoe iemand het systeem binnenkomt. Zij bepaalt welke informatie wordt vastgelegd. Zij bepaalt welke signalen wel of niet worden gezien. En zij bepaalt vaak welke procedure daarna volgt.

De echte vraag is dus niet alleen wat screening is. De echte vraag is hoe screening wordt uitgevoerd. Als screening zorgvuldig gebeurt, met goede informatie, goede tolken, medische aandacht, aandacht voor kwetsbaarheid en onafhankelijk toezicht, kan zij helpen om het systeem beter te laten werken. Dan kan zij ervoor zorgen dat mensen sneller worden geregistreerd en dat kwetsbare personen eerder worden herkend. Maar als screening te snel, te streng of te administratief wordt toegepast, kan zij het begin worden van fouten die later moeilijk te herstellen zijn.

Daarom verdient de screeningprocedure veel aandacht. Het is misschien niet het bekendste onderdeel van het EU-Migratiepact, maar wel een van de belangrijkste. Het is de voordeur van het nieuwe systeem. En bij een voordeur wordt bepaald wie naar binnen mag, wie moet wachten, wie wordt doorgestuurd en wie misschien niet goed wordt gezien.

Sinds 12 juni 2026 is screening geen abstract plan meer. Het is onderdeel van de praktijk geworden. Aan de Europese buitengrenzen en in landen zoals Nederland moet nu blijken of deze eerste controle zorgvuldig genoeg is. De komende jaren zal duidelijk worden of screening vooral zorgt voor overzicht en betere bescherming, of juist voor meer druk aan het begin van de asielprocedure.

Mijn conclusie is daarom dat screening op zichzelf niet goed of slecht is. Het hangt af van de uitvoering. Een eerste controle kan nuttig zijn, maar alleen als die controle niet verandert in een haastige selectie. Mensen die bescherming zoeken moeten vanaf het eerste moment serieus worden genomen. Juist omdat screening zo vroeg in het proces plaatsvindt, kan een fout daar grote gevolgen hebben. De screeningprocedure is dus niet zomaar een administratieve stap. Het is het begin van de vraag of het nieuwe Europese asielsysteem snel én rechtvaardig kan zijn.

Bronnenlijst

[1] Europese Commissie, “Pact on Migration and Asylum”. De Europese Commissie beschrijft het Pact als nieuwe regels voor migratiebeheer en een gemeenschappelijk asielsysteem op EU-niveau.
https://home-affairs.ec.europa.eu/policies/migration-and-asylum/pact-migration-and-asylum_en

[2] Verordening (EU) 2024/1356, de Screeningverordening. Deze verordening introduceert de screening van derdelanders aan de buitengrenzen en is onderdeel van het EU-Migratiepact.
https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2024/1356/oj/eng

[3] Verordening (EU) 2024/1356, de Screeningverordening. De verordening is vastgesteld op 14 mei 2024 en geldt binnen het nieuwe Europese migratie- en asielkader.
https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2024/1356/oj/eng

[4] EUR-Lex, “Screening of non-EU nationals at the EU’s external borders”. EUR-Lex legt uit dat screening geen zelfstandige administratieve procedure is, maar een informatieverzamelingsproces dat vergelijkbaar is met een uitgebreide grenscontrole. Volgens deze uitleg moet screening aan de buitengrens binnen zeven dagen plaatsvinden en screening binnen het grondgebied binnen drie dagen.
https://eur-lex.europa.eu/EN/legal-content/summary/screening-of-non-eu-nationals-at-the-eu-s-external-borders.html

[5] Verordening (EU) 2024/1356, de Screeningverordening. De verordening geldt onder meer voor derdelanders en staatlozen die worden aangetroffen bij een onrechtmatige grensoverschrijding, mensen die na een reddingsoperatie aan land worden gebracht en mensen die aan de grens asiel aanvragen zonder aan de normale inreisvoorwaarden te voldoen.
https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2024/1356/oj/eng

[6] Verordening (EU) 2024/1356, de Screeningverordening. De screening omvat onder meer identiteit, veiligheidscontrole, gezondheid en kwetsbaarheid.
https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2024/1356/oj/eng

[7] European Union Agency for Asylum, “Operational Standards and Indicators on Vulnerability-related Aspects in the Asylum Procedure”, november 2025. De EUAA benadrukt het belang van eerlijke en effectieve procedures voor asielzoekers in een kwetsbare situatie.
https://www.euaa.europa.eu/publications/operational-standards-indicators-vulnerability-aspects-asylum-procedure

[8] Verordening (EU) 2024/1356, de Screeningverordening. Deze bron is relevant voor de positie van personen tijdens de screening en de vraag hoe screening zich verhoudt tot toegang tot het grondgebied.
https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2024/1356/oj/eng

[9] ECRE, “Comments on the Screening Regulation”, februari 2025. ECRE noemt de screeningprocedure een nieuw proces in het EU-recht en wijst op zorgen over fundamentele rechten, procedurele garanties en uitvoerbaarheid.
https://ecre.org/wp-content/uploads/2025/02/ECRE_Comments_Screening-Regulation.pdf

[10] Verordening (EU) 2024/1356, de Screeningverordening. De verordening bevat regels over een onafhankelijk mechanisme voor monitoring van fundamentele rechten tijdens de screening.
https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2024/1356/oj/eng

[11] IND, “What does ‘screening’ mean in the context of the European Pact on Migration and Asylum?” De IND schrijft dat zij verantwoordelijk wordt voor binnenlandse screening en registratie van asielzoekers bij het aanmeldcentrum in Ter Apel wanneer het Pact van toepassing is.
https://ind.nl/en/about-us/background-articles/what-does-screening-mean-in-the-context-of-the-european-pact-on-migration-and-asylum

Maak jouw eigen website met JouwWeb